Advertentie - Lees hieronder verder

Pim Nugteren is net 30 (au!), woont in hartje Amsterdam en werkt als Marketing Communication Manager. In zijn columns neemt deze mannelijke Bridget Jones je mee in zijn zoektocht naar Mr. Right. En die gaat lang niet alleen over rozen.

Deze keer: Pim heeft een obsessie voor grachtenpandjes. Hij staat op het punt er een te bemachtigen, ook al is de woning íets boven zijn stand. Zou het 'm lukken?

Voor heel even voelde ik me net Carrie uit Sex and the City. Zij was de reden waarom ik ooit begon met columns schrijven. Wie wil er nou geen walk-in closet vol dure merkschoenen? De walk-in closet had ik inmiddels; de dure merkschoenen moesten nog even wachten.

Met mijn alledaagse schoenen liep ik stap voor de stap de enorme wenteltrap af. Helemaal bovenin glinsterde aan het plafond een prachtige kroonluchter versierd met diamanten. Aan de muren en plafonds sierden zeventiende-eeuwse oorspronkelijke ornamenten. Mijn voetstappen galmden door de marmeren hal. Nog een paar stappen en mijn hand zou weer langs dezelfde gouden deurknop strelen die mij zo’n twintig minuten geleden ook binnen liet.

Ik waande me in de Upper East Side van Manhattan. Buiten zou de limousine met geblindeerde ruiten op mij staan te wachten, klaar om me naar mijn The Devil Wears Prada-achtige werksetting te rijden, of de nacht in voor de zoveelste rode loper première of black tie gala-avond. Meer Sex and the City dan dit zou het niet worden. En dan ook nog eens met een dakterras van vijfendertig vierkante meter.

Terwijl ik daar wegdroomde van het appartement op de bovenste verdieping van een enorm grachtenpand aan de Keizersgracht, waar ik zojuist een bezichtiging had gehad, begon een stemmetje in mijn hoofd zachtjes de pret te drukken. “Je kunt het niet betalen. Je kunt het niet betalen.”

Advertentie - Lees hieronder verder

Wonen aan de gracht
Waarom wilde ik zo nodig boven mijn stand wonen? Wat was het waardoor ik me zo aangetrokken voelde tot al die luxe? Al vanaf het moment dat ik, inmiddels alweer ruim drie jaar geleden, te horen kreeg dat ik voor mijn nieuwe baan naar de hoofdstad zou moeten verhuizen, ontstond er een derde levenswens. Naast het huwelijk en het adoptiekind moest en zou ik aan de gracht komen te wonen. En dan wel het liefst de Prinsen- of Keizersgracht, het deel tussen de Leidsestraat en Brouwersgracht, en als het even kon ook nog op de bovenste etage met een dakterras.

Wie Amsterdam en de woningmarkt daar een beetje kent, weet dat we het dan hebben over een huur waarvan je in de provincie misschien wel in twee vrijstaande villa’s met zwembad kunt wonen. Maar ik kon al niet meer terug, de ‘Keizersgrachtdroom’ was geboren.

Advertentie - Lees hieronder verder

Hoeveel?!
En waar ik mijn hoop op een huwelijk en adoptiekind de laatste tijd juist steeds meer leek te kunnen laten varen, of in ieder geval vanuit een rationeler perspectief leek te kunnen bekijken, bleef de Keizersgrachtdroom alsmaar sterker en sterker worden. Tot ik daar dus als enige kandidaat met een overtuigend babbelende makelaar op het dakterras van dat grachtenpand stond. “It’s all yours voor [vul hier een Godsvermogen in waar zelfs Dagobert Duck jaloers van zou worden] per maand, dus zeg het maar…” “Umh, is het goed als ik het je morgen laat weten?”

Obsessie
Mijn obsessie met overprijsde grachtenpandjes kwam in die zin ook weer niet als zo’n enorme verrassing. Al van jongs af aan was ik betoverd door de glitter and glamour van het leven van de rich and famous. Was MTV’sMy Super Sweet Sixteen’ een hit op de televisie, dan moest en zou Pim ook een over the top ‘My Super Sweet al-net-iets-ouder-dan Sixteen’ feestje organiseren.

Droeg de nieuwe vlam van Britney op een foto in de roddelbladen Lanvin schoenen in alle kleuren van de regenboog, dan begon Pim direct het internet af te struinen om te zien of hij niet nog ergens een net wat goedkoper van de vrachtwagen gevallen paar op de kop kon tikken. Waar ik als kind geen aardappel door mijn keel kreeg, wist ik het verlangen naar status er van jongs af aan al geheel zelfstandig met de paplepel bij mezelf in te gieten. Het allerliefst wilde ik zelf met mijn kop in de bladen of op televisie.

Date
De volgende avond had ik een date. Bovenop het dakterras daar aan de Keizersgracht had ik op een onbewaakt moment, waarop de makelaar druk aan het bellen was, snel een selfie gemaakt. Die zou het vast goed doen op Tinder, en dat bleek inderdaad te kloppen. De jongen, die straks voor mij zou zitten, was er direct op aangeschoten.

“Wow! Is dat waar jij woont?! En ben jij trouwens niet die columnist? Echt een beetje een BN’er ben jij aan het worden he?” De woorden waren een schot in de roos. Ik voelde me trotser dan Sonja Silva zich gevoeld moet hebben toen ze na jaren zonder carrière plots gevraagd werd voor een rolletje in hitserie Penoza. De jongen had meteen mijn hart gestolen. Maar eenmaal aangekomen in het café waar we hadden afgesproken, bleek de realiteit toch anders.

“Wow, je bent nog mooier in het echt dan op de foto," zei de misschien net twintigjarige jongen, die voor me zat, en overduidelijk net wat teveel MTV’s ‘My Super Sweet Sixteen’ had gezien en goedkope roddelbladen had gelezen. De openingszin was te cliché voor woorden. Mijn date hing vanaf de eerste minuut aan mijn lippen, maar veel woorden zouden daar niet uitkomen. Ik besefte dat ik het maar niets vond dat de jongen zo tegen me opkeek. Hij leek wel geobsedeerd.

Na nog geen uur fakete ik een flinke gaap en blies ik de date af. Terwijl ik vanaf de Prinsengracht de hoek om liep om mijn straat in te gaan (die dus zelf nog net geen gracht is maar een zijstraat ervan en daarmee dus nog altijd een straat), belde de makelaar. “En? What’s it gonna be?”, vroeg hij me overduidelijk lichtelijk geïrriteerd, schijnbaar omdat ik hem zelf nog niet had gebeld. “Umh…” Tja, sommige dingen zijn misschien toch nog even beter om naar uit te blijven kijken.