Vrouwen doen het beter op school, zijn gemiddeld hoger opgeleid en zorgen steeds vaker voor brood op de plank. Zelfs kinderen krijgen kunnen we tegenwoordig alleen. Wat voegen mannen eigenlijk nog toe?

Deskundigen bespreken: wat voegen mannen eigenlijk nog toe?

If the future is really female, do we still need men?


Vrouwen doen het beter op school, zijn gemiddeld hoger opgeleid en zorgen steeds vaker voor brood op de plank. Zelfs kinderen krijgen kunnen we tegenwoordig alleen. Wat voegen mannen eigenlijk nog toe?

Mannen, wat moet je ermee? Een vraag die ooit vooral werd uitgesproken door zuchtende filmactrices in het ‘komt-het-ooit-nog-goed?’-stadium van klassieke romkoms.

Tegenwoordig wordt de vraag in de media steeds vaker gesteld. Nog serieus bedoeld ook. ‘Do we need men?’ Zo luidt de kop boven artikelen op zowel The Guardian als The Huffington Post en de BBC. Time Magazine laat met ‘Men are obsolete’ het vraagteken voor het gemak maar helemaal weg.

En ook in Nederland vraagt onder andere Vrij Nederland zich hardop af ‘Hoe mannen hun overbodigheid kunnen overwinnen’. Dat het nut van de man de laatste jaren zo vaak en zo openlijk ter discussie wordt gesteld, is volgens de Amerikaanse journalist Hanna Rosin niet zo gek. In haar boek ‘The end of men, and the rise of women’ betoogt ze dat de vrouw niet alleen een inhaalslag maakt, maar zelfs bezig is de man voorbij te streven.

"Dat veel vrouwen dromen van een prins op het witte paard met wie ze lang en gelukkig leven is een achterhaald beeld"

In het boek schetst Rosin een realiteit waarin de vrouw de andere sekse in stofwolken achter zich laat en een toekomst waarin de rol van de man verre van zeker is. Want: if the future is really female, do we still need men?

Inhaalslag
“Tja, het klinkt misschien cru, maar het is wel degelijk een interessante vraag,” zegt Jan Latten, hoogleraar sociale demografie aan de Universiteit van Amsterdam en CBS-hoofddemograaf . “Wat zeker is: vrouwen zijn met een opmars bezig. Meisjes doen het beter op school, komen minder in aanraking met instanties als jeugdzorg en doen vaker havo of vwo dan jongens.

Ook zijn vrouwen tussen de dertig en veertig vaker hoogopgeleid dan mannen van dezelfde leeftijd en stijgt het aantal hoogopgeleiden onder vrouwen sterker dan onder mannen. Mannen verdienen weliswaar nog altijd meer en werken vaker voltijd, maar ook dat verandert.

Zo verdienen vrouwen tussen de 25 en 30 voor het eerst in de geschiedenis iets meer dan mannen van dezelfde leeftijd. Tot slot zijn vrouwen vaker kostwinner dan vroeger. Tien jaar geleden was dat nog tien procent, nu bijna twintig procent. Dat lijkt nog weinig.

Maar bedenk wel dat mannen vele eeuwen de scepter hebben gezwaaid. Vrouwen zijn nog maar relatief kort geleden met hun inhaalslag begonnen. Zo bezien is het niet onwaarschijnlijk dat vrouwen mannen gaan inhalen. Dat is trouwens niet alleen in Nederland zo, in Amerika zie je die ontwikkeling nog sterker.”

Inderdaad: de Amerikaanse cijfers die Hanna Rosin in ‘The end of men’ aanhaalt, liegen er niet om. Voor het eerst in de geschiedenis is de meerderheid van de Amerikaanse work force vrouw.

Voor iedere twee mannen die een studie afronden, doen drie vrouwen hetzelfde. Jonge vrouwen gaan meer verdienen, jonge mannen zakken juist op de inkomensladder.

De verklaring volgens Rosin? Het draait in onze samenleving steeds minder om spierballen en steeds meer om wat er tussen onze oren zit. Vanaf het begin van de mensheid waren mensen voor hun overleving afhankelijk van fysieke kracht. Dat zorgde voor een samenleving waarbinnen mannen dominant waren.

"Nu diploma's belangrijker zijn dan spierballen, verschuift de macht langzaam richting de vrouw"

Maar de automatisering, robotisering en digitalisering brengt de dominante positie van mannen aan het wankelen. Banen waarvoor fysieke kracht een voordeel is, verdwijnen.

Banen waarvoor goede communicatieve vaardigheden en een hoge emotionele intelligentie een pre zijn, zijn juist in opkomst. Skills waar mannen of dat nu van nature is, of door cultuur en opvoeding gemiddeld minder hoog op scoren dan vrouwen.

Vrijheid blijheid
Maar dat het beter gaat met de vrouw betekent toch niet meteen dat het slecht gaat met de man? “Niet per se,” beaamt Jan Latten, “maar het betekent wel dat vrouwen mannen in steeds mindere mate nodig hebben.

Vroeger had je als vrouw een man nodig om maatschappelijke status en financiële stabiliteit te verwerven. Dat is niet meer zo. Zelfs voor het krijgen van kinderen hebben vrouwen niet per se meer een partner nodig.”

Het aantal single vrouwen dat aanklopt bij de spermabank om hun kinderwens in vervulling te doen gaan, stijgt snel. In 2000 bestond tien procent van de aanvragen bij de internationale spermabank Cyros uit single vrouwen, in 2014 was dat al gestegen tot vijftig procent.

Nu zijn wetenschappers er ook nog in geslaagd gezonde muizenbaby’s te verwekken met kunstmatig gefabriceerde zaadcellen. Of vrouwen zich in de toekomst zonder de hulp van mannen kunnen voortplanten, is volgens onderzoekers dan ook meer afhankelijk van ethische afwegingen dan van de beperkingen van de wetenschap.

Of zoals Jan Latten het zegt: “Vrijwel alle dingen waar vrouwen voorheen een man voor nodig hadden, kunnen ze straks zelf.”

Dat vrouwen massaal dromen van een prins op het witte paard met wie ze nog lang en gelukkig leven, is volgens trendwatcher Lieke Lamb een achterhaald beeld aan het worden. “Nu het vinden van een man niet meer noodzakelijk is om een goed leven te kunnen leiden, stellen steeds meer vrouwen zichzelf de vraag: me voor altijd aan een kerel binden, waarom zou ik eigenlijk?

De zucht naar vrijheid blijheid en de ruimte om lekker je eigen ding te kunnen doen, werd voorheen vooral aan mannen toegeschreven, maar ook vrouwen ontdekken steeds meer de voordelen van een onafhankelijk bestaan. Waarom samenwonen als je elkaar ook kunt zien als je er zin in hebt?

Waarom een gezin stichten als je ook samen een kind kunt krijgen in co-ouderschap en vriendschappelijk overleg? Waarom je voor het leven vastleggen als je ook kunt kijken naar hoe lang je het leuk vindt met elkaar?

Ik zie het nu al bij mijn dochter. Zij is zeventien, heeft een vriendje, maar het idee dat ze straks voor altijd bij een man zal blijven, vindt ze onzin. Ze zegt: ‘Ik zorg gewoon voor mezelf.’”

Nieuwe eigenschappen
Dus mannen zijn overbodig geworden? “Dat nou ook weer niet,” zegt Jan Latten. “Maar de maatschappelijke rol van mannen verandert zeker. Vroeger was het zo: de man had de kracht en dus de macht. Maar nu diploma’s belangrijker zijn geworden dan spierballen en vrouwen gemiddeld betere diploma’s hebben dan mannen, verschuift die macht.

Vrouwen kozen hun partner vroeger uit op zijn vermogen om zijn gezin te beschermen en met vooral fysieke arbeid in het onderhoud te voorzien. Mannen die eigenschappen hadden die goed op die behoefte aansloten, waren lange tijd in het voordeel. Dat werden voor mannen dus dé eigenschappen om uit te dragen.

Nu vrouwen zelf werken en geld verdienen, baseren ze hun keuze voor een partner steeds meer op andere dingen. Hoge sociale intelligentie, goed ontwikkelde sociale en communicatieve vaardigheden en de bereidheid om in de zorg voor eventuele kinderen te delen: dát worden de nieuwe begeerlijke ‘mannelijke’ eigenschappen.

Mannen die hier minder hoog op scoren, raken achterop. Zij die deze eigenschappen bezitten of kunnen ontwikkelen, zitten gebakken.”

"Mijn vrienden en ik hebben geen idee meer wat dat is: een goede man"

 

Zorgzaam, maar niet sullig
Is de ‘echte man’ straks dan geen noeste, hout hakkende krachtpatser met monsterbiceps meer, maar een zorgzame, sociaalvaardige gentleman met een kinderwens en een vlotte babbel? Theatermaker en acteur Lucas de Man vindt het allemaal maar verwarrend. Volgens hem is het geen wonder dat mannen zich momenteel in een soort collectieve identiteitscrisis bevinden.

Samen met fotograaf Ahmet Polat en acteur Rashif El Kaoui maakte hij er de theatervoorstelling ‘De man is lam’ over. “We moeten terug naar de oerman. Oh nee, we moeten juist onze vrouwelijke kant meer ontwikkelen.

We moeten vrouwen niet domineren. Behalve dan in bed. Maar ook weer niet te veel. We moeten zorgzamere vaders worden. Maar ook weer geen sullige huisman.

We moeten feminisme een warm hart toedragen. Maar ons er niet mee bemoeien. Probeer als man van nu maar eens wijs te worden uit al die tegenstrijdige verwachtingen. Mijn vrienden en ik ontdekten: we zien onszelf graag als ‘goede mannen’, maar we hebben geen idee meer wat dat eigenlijk is: een goede man.”

Als antwoord op deze identiteitscrisis komen allerlei tegenbewegingen op gang. Oerman-cursussen, boeken met titels als ‘Stand by your manhood’, Men’s Rights Activists-groepen en zelfverklaard ‘echte mannelijkheid’-voorvechters als Maxim Hartman en Thierry Baudet.

SIRE kwam deze zomer zelfs met de campagne om ‘jongens weer jongens’ te laten zijn, door ze meer te laten rennen, stoeien en in bomen klimmen.

De campagne kreeg een golf van kritiek over zich heen. Dat gehamer op ‘typisch jongensgedrag’ zou de stereotype tweedeling tussen jongens en meisjes alleen maar onnodig versterken, terwijl we juist zo hard op weg zijn zulke vooroordelen te ontkrachten.

Bovendien doet zo’n stereotype jongens tekort. Dat is precies wat Hanna Rosin in haar boek ‘The end of men’ betoogt: vrouwen grijpen de veranderingen in de maatschappij aan om uit de hokjes van het traditionele ‘vrouw zijn’ te breken. Maar voor mannen wordt steeds weer teruggegrepen op dat zogenaamde ‘oerman’ en ‘boys will be boys’-frame. Dat is jammer, stelt Rosin, want dat beeld beperkt ze alleen maar.

Exit macho Ken
Berna Toprak, deskundige op het gebied van beeldvorming bij Women Inc, is het daar helemaal mee eens. “Ja, de maatschappij verandert en vrouwen emanciperen, maar in onze ideeën over rolverdeling zijn we, ook in Nederland, nog veel traditioneler dan we zelf vaak denken.

Vrouwen zijn bijvoorbeeld wel meer gaan werken, maar niet minder gaan zorgen, omdat het gezin nog steeds vooral als haar pakkie an wordt gezien. Dat zie je ook aan het extreem korte vaderschapsverlof in Nederland. Aan het feit dat kinderen bij een scheiding vaak naar de moeder gaan. Of dat minder gaan werken voor mannen minder geaccepteerd wordt, terwijl ze het misschien best zouden willen.

Niet alleen vrouwen hebben last van die vooroordelen, omdat hun opmars op de arbeidsmarkt nog vaak bij het krijgen van kinderen stagneert. Ook mannen lijden onder het keurslijf van wat al dan niet ‘mannelijk’ is.”

De moraal van het verhaal? Het is niet zo dat we geen mannen meer nodig hebben. We hebben een ándere definitie van mannelijkheid nodig. Eentje met meer ruimte voor variatie. Of, zoals journalist Loes Reijmer het in de Volkskrant treffend samenvat: ‘De gloriedagen van macho Ken zijn voorbij. En dat is voor iedereen beter.’  

Dit artikel staat in Glamour's  november-issue (nú in de winkel) dat 100 procent door vrouwen is gemaakt. Met het nummer willen we een feministisch statement maken – en nee, dat betekent niet dat je je beha moet verbranden. Wat je kunt verwachten in het blad?

Menu
Ads for you!

Hi you!

Wij zien dat je een adblocker gebruikt die ervoor zorgt dat je geen advertenties ziet op Glamour.
Dit vinden wij jammer, want daardoor missen we inkomsten die we hard nodig hebben om jou
de meest awesome content te bieden? Merk dan onze site als 'veilig' aan en volg deze instructies.

Thanks a million!

Sluiten