Ik kom er maar gewoon voor uit: ik wilde altijd ergens bijhoren

"Alles in het leven wordt leuker als je stopt met je best doen"

image
Jasper Rens van Es

Lianne Marije Sanders (30) woont in Amsterdam en leeft een heel normaal leven. Een beetje werken, eten, slapen en soms over een stoeptegel struikelen. Ze schrijft het liefst over wat haar bezighoudt.

Ik heb m’n hele leven geprobeerd ergens bij te horen. Bij een groepje vriendinnen, bij een vriendje, bij een vereniging, bij mensen met een bepaalde mindset. De ambitieuze mensen, de slimme mensen, de ‘high potentials’, de mensen die zowel een vette stage als buitenlandervaring afvinkte op hun cv. En later de creatieve mensen, de journalisten, de outsiders, de spirituele mensen en degenen met issues. Want die had ik zelf ook.

Basisschool
Toen ik negen jaar was, wisselde ik van basisschool. Ik kwam in een klas terecht met een groepje van vier meisjes die al zeven jaar vriendinnen waren. Mijn nieuwe lerares stimuleerde de meisjes om mij op te nemen. Maar dat ging niet op een natuurlijke manier. Ik mocht wel meedoen met logeerpartijen en feestjes, maar toch hoorde ik er niet écht bij. Het was geforceerd. En als kind voel je dat. In elk geval wel als je zo gevoelig bent als ik.

Op mijn oude basisschool werd ik gepest, op m’n nieuwe werd ik niet van harte opgenomen in dat groepje. Dat lag onmiskenbaar aan mij, dacht ik zo. De overtuiging dat er iets mis met mij was, werd steeds sterker. Die broedde onder alles wat ik deed. De studies die ik koos, de mensen die ik uitzocht om mee om te gaan. Ik wilde alles zo goed mogelijk doen. Kostte was kost. Nachtrust, levenslust, het maakte me niet uit, ik leverde het allemaal in. Ik wilde meedoen. Ik wilde erbij horen. Ik wilde dat mensen voor mij kozen.

In mijn boek ‘Lekker Laten Lullen - en dan ben je dertig’, dat vorige week uitkwam, beschrijf ik hoe deze overtuiging ervoor zorgde dat ik langzaam op een burn-out afstevende. Hoe ik alleen nog maar in m’n hoofd leefde, elke stap in m’n leven strategisch plande met als hoger doel ‘het goed te doen’, zodat ik eindelijk de waardering en liefde zou krijgen die ik zo graag wilde.

Dertig
Ik werd dertig terwijl ik me superkut voelde en nergens bij hoorde. Niet bij een grote vriendinnengroep, bij een vriendje, bij ambitieuze mensen of bij de high potentials. Je zou denken: man, da’s een nachtmerrie. Maar het viel eigenlijk wel mee. Mijn psycholoog had me namelijk een paar weken daarvoor verteld: ‘Vroeger dacht ik ook: nou, oké, als ik dan niet bij de ambitieuze mensen op Zuidas hoor, dan hoor ik wel bij de outcast. De vreemdelingen. De misfits. En toen dacht ik daarna: nee, wat een onzin. Ik heb helemaal niet een groep nodig om mezelf goed genoeg te vinden. Ik bén er, dus ik doe mee. Ik leef, dus ik doe mee. Ik besta, dus ik hoor er ook bij.’

Lekker laten lullen
En dat vond ik zó bevrijdend. In ‘Lekker Laten Lullen’ vertel ik hoe ik daarna leerde om niet meer de hele dag na te denken, maar te voelen. Om ‘m’n hart te volgen’, hoe week dat soms ook mag klinken. En hoe alles in het leven leuker wordt als je stopt met je best doen. Je best doen om een goede baan te krijgen, je best doen om aardig gevonden te worden, je best doen om een leuk vriendje te krijgen. Hoe je dan ineens merkt dat er mensen bij joú gaan horen. Gewoon omdat je jezelf bent. En je niks meer hoeft te forceren.

‘Lekker Laten Lullen’ lezen? Bestel ‘m hier!

P.S. Dit was mijn laatste column voor glamour.nl. Het was fijn, dank jullie wel, tot een volgende keer!

Advertentie - Lees hieronder verder
Meer van Psyche